Vrouwke Klapwijk – Wout Weter en de hond zonder naam (1e recensie)

Met een vader als dierenarts en een moeder als veearts, kan het niet anders dan dat Wouts hoofd gevuld is met feitjes over dieren. En alles wat hij niet weet, dat zoekt hij gewoon op! Als Wout op een dag tijdens het mountainbiken een gewonde hond zonder chip vindt, gaat hij op zoek naar de eigenaar, maar dat blijkt een stuk makkelijker gezegd dan gedaan. Lukt het hem de hond zonder naam weer thuis te brengen?

Boekinformatie
Schrijver: Vrouwke Klapwijk
Titel: Wout Weter en de hond zonder naam
Uitgeverij: KokBoekencentrum
Jaartal: 2020
Bladzijden: 200
Illustrator: Iris Boter
ISBN: 9789026623585
Genre: dierenverhaal
Leeftijd: 8+
knop meer info over boek

Luister naar het begin van dit boek...

Of klik hier en ga naar het Youtube-kanaal van Ikvindlezenleuk

Het verhaal in het kort

Er zit een kat op mijn schoot en ze heet Anastasia.
Ze is de Russische raskat van mevrouw Grootjes.
Anastasia?
Het schijnt de naam te zijn van een Russische prinses.
Heb ik opgezocht.
Op koekeltjes.
Mevrouw Grootjes komt één keer per drie maanden bij ons pap om de nageltjes van haar aaaaallerlieeeefste kittekat te laten knippen.
Dat zou ze zelf ook best kunnen, maar dat durft ze niet.
Snap jij dat? Waarom neem je dan een kat?
Je moet een kat verzorgen, toch?
Daar hoort ook nagels knippen bij.
Stel je voor dat ik mijn nagels laat knippen door onze dokter.
Ze ziet me aankomen.
Mevrouw Grootjes wil dat de nagels van Anastasia door een echte dierenarts worden geknipt. (blz. 3)

Het is woensdagmiddag en Wout hoeft dan niet naar school. Vanmiddag helpt hij zijn vader, want de assistente van zijn vader heeft vrij. Nu de nagels van Anastasia geknipt zijn heeft Wout (vindt hij zelf) wel ijs verdiend. Even later komt zijn beste vriend Jochem langs. Ze gaan samen fietsen.

We fietsen naast elkaar de straat uit.
Jochem trekt zijn stuur naar zich toe en komt met zijn voorwiel los van de grond.
Zo rijdt hij een paar meter op zijn achterwiel, waarna zijn voorwiel weer op het asfalt stuitert.
Ik weet wat er gebeurt als ik dit ook doe.
Mijn fiets maakt dan een salto in de lucht en ik maak er een salto achteraan.
Leuk als je acrobaat bent, maar dat ben ik niet.
Bij mij ziet het er echt heel dom uit.
Weet je hoe dat komt?
Dat je kunt rijden op je achterwiel en stuiteren met je voorwiel?
Heb ik opgezocht.
Dat komt doordat er in het voor- en achterwiel vering zit die alle schokken opvangt.
Waarom ik het opgezocht heb?
Als je iets niet weet, moet je niet laten weten dat je het niet weet. Pfff, wat een zin. (blz. 33)

Ze gaan naar baan van de MTB-club. Jochem is hier lid van. Elk weekend gaat hij trainen. Vanmiddag gaan ze om de beurt met Jochems MTB over de baan. Jochem gaat als eerste, en Wout gaat met zijn eigen fiets. De baan is een rondje van vier kilometer met bochten en heuvels. Opeens springt er een hond uit de struiken. Wout vraagt zich af waar deze hond vandaan komt, want er is geen baasje bij. Als Wout op zijn fiets stapt is de hond weer weg.

Een uur later, als Wout en Jochem moe zijn van het fietsen, gaan ze naar huis. Opeens ziet Wout de hond weer. Hij ligt bij de struiken.

Ik zet de MTB van Jochem tegen een boom en steek de weg over. De hond ligt half verstopt onder de struiken.
Hij hijgt en zijn tong hangt uit de bek.
Hij kijkt me een beetje zielig aan.
En hij blijft liggen.
Dit is niet normaal, dat heb ik van ons pap geleerd.
Ik doe een paar stappen dichterbij en hurk bij hem neer.
‘Wat is er met je? Waarom ren je niet lekker door het bos? Waar is je baas?’
Er komt een schorre blaf uit zijn bek.
Mijn ogen glijden over de hond.
Van zijn neus naar zijn achterlijf.
Van zijn oren naar zijn poten.
‘Bloed!’ klinkt het ineens naast me.
Jochem is toch komen kijken.
‘Hij heeft bloed.’
Dan zie ik het ook.
Bij zijn linkerachterpoot heeft hij een hond.
Rond de wond zit opgedroogd bloed.
‘Kun je staan?’ vraag ik aan de hond.
Natuurlijk verwacht ik niet dat hij ja of nee zegt, maar je kunt nooit weten…
Jochem buigt zich over de hond en steekt zijn handen onder de buik van de hond, om hem een stukje op te tillen
Misschien wil hij dan gaan staan.
Maar dat is geen goed plan, aan het gejank van de hond te horen. (blz. 70)

Jochem blijft bij de hond en Wout fiets snel op de fiets van Jochem naar huis. Hij gaat zijn vader ophalen. Onderweg naar huis ziet Wout opeens de auto van zijn vader bij een huis staan. Hij belt aan. Zijn vader is net klaar bij een patiënt. Samen gaan ze naar de hond toe. Wordt de hond weer beter? Wat is er met de hond gebeurt? Waar is het baasje van deze hond?

Mening over het boek

Recensie van Ikvindlezenleuk (Mathilde) (ouder dan 18 jaar)
Hoe kom je aan het boek?
recensieboek gekregen van uitgeverij KokBoekencentrum
Wat vind je van het boek?
★★★★☆
Waarom heb je dit boek uitgekozen om te lezen?
Het boek heeft een mooie voorkant, Ik vond de tekst op de achterkant leuk
Welke steekwoorden passen bij het boek?
geheimzinnig, grappig, realistisch, zielig
Staan er illustraties in het boek? Wie heeft ze gemaakt? Wat vind je van de illustraties?
De kleine zwart-wit illustraties zijn gemaakt door Iris Boter. Ze staan overal bij de tekst en ze laten iets uit het verhaal zien.

illustratie uit Vrouwke Klapwijk - Wout Weter en de hond zonder naam

Is het boek moeilijk of gemakkelijk te lezen?
Gemiddeld
Waar gaat het verhaal over?
zie hierboven
Wie is de hoofdpersoon?
de hoofdpersoon is Wout
Zou je iemand uit het verhaal willen ontmoeten? Waarom? En wat zou je dan gaan doen?
nee
Waar speelt het verhaal zich af?
in de plaats waar Wout woont
Wat vind je leuk aan dit boek?
ik vind het leuk dat het verhaal vertelt wordt door Wout en dat je zo ook merkt hoe hij als persoon is. Hij praat veel en raakt snel afgeleid
Wat vind je niet leuk aan dit boek?
ik vind het niet leuk dat de hond gewond is
Wil je nog iets anders vertellen over het boek?
nee
Voor wie zou dit een leuk boek zijn?
voor kinderen vanaf 8 jaar
Wil je het boek nog een keer lezen?
Ik wil het boek misschien nog een keer lezen

Geef een antwoord